Methode
Op het vlieghok is plaats voor 24 doffers en 24 duivinnen, meestal word er begonnen met zo’n 30 duiven (de andere zijn dan al opgehaald door de havik) en na enkele weken spel selecteren we er nog 3 tot 5 uit die we niet meer spelen, maar wel op de hokken laten.
De toekomstige weduwnaars worden gekoppeld aan de toekomstige vliegweduwduivinnen, gelijk met de kwekers rond 1 december. Enkele koppels krijgen eieren van de kwekers maar de meeste vliegers houden hun eigen jongen, want als je geen duiven uit je weduwnaars wil, horen deze weduwnaars ook niet op je hokken: je hebt er vertrouwen in of niet.

Begin maart worden de vliegduiven herkoppeld maar dan aan partners waar niet mee gevlogen word. Iedere vliegduif heeft dus twee partners, waar we tijdens het seizoen wel eens gebruik van maken. Op 3 a 4 dagen eieren worden de duiven weer gescheiden en staan vanaf dan op weduwschap.

Voordat de wedstrijden beginnen worden de duiven 15 x gelapt waarvan 10x op zo’n 25 kilometer. De weduwnaars en weduwduivinnen trainen de eerste weken bij koud weer maar één keer per dag, op de dag van een lapvlucht komen ze echter niet buiten voor gewone training. Vanaf ongeveer 1 mei gaan ze twee keer per dag de lucht in voor een uur training, ook de duivinnen trainen dan 2 x per dag. De eerste paar dagen dat ze weer in training zijn (eind februari) moet de vlag wel eens op het dak, maar daarna trainen ze zelf.

Rui, winter en kweeksysteem Wilhelminaoord 2009

Laten we beginnen bij de laatste vluchtdag in september: De dag na de laatste vlucht, worden alle jongen gespeend die zijn grootgebracht door de vliegduiven voor het spel op de natour, bij de kweekduiven zijn vaak de laatste ronde jongen reeds 1 a 2 weken weg. De eerste dag na deze laatste vlucht krijgen de duiven (kwekers en vliegers) geen eten, door deze dag vasten schrikt het systeem van een duif zo dat het rui-proces in èèn keer op gang komt.
De eerste week na het vasten krijgen de duiven Recup van Beyers-Elite Enzymix, dit is een lichte voeding, een soort zuivering zeg maar.
Na deze week licht voeren met Recup gaan we weer over op Beyers-Elite Enzymix Rui, maar hier moet ik wel bij zeggen dat de duiven dit niet alleen krijgen, alles wat we over hebben van het vliegseizoen word hier de eerste tijd doorgemengd, dus alle snoepzaden, pinda’s superenergie etc komt er lekker door heen.
Maar ook de Omega 3,6,9 korrels van CèDè worden bijna dagelijks aan deze voeding toegevoegd.

Even weer terug naar de vasten-dag: na deze dag beginnen we met een 21 dagen karnemelk kuur in het drinken, steeds 1 liter karnemelk op 3 liter water (25% karnemelk dus), en dit de volle 21 dagen lang.
Na deze 21 dagen karnemelk krijgen de duiven weer 14 dagen Prange Suppe door het water, steeds 1 eetlepel per liter water.
En dan na deze Prange Suppe kuur volgt dan nog even een 14 kuur met product nummer 2, deze kuur is op basis van Trim-Sulfa en werkt prima tegen paratyfus, colli en streptokokken .

Rond 1 november zijn deze 3 waterkuren achter de rug en kunnen de duiven weer eens wat schoon water te drinken krijgen, het weekplan is dan 1 x Prange Suppe door het water en 1x een Chol-product te weten Biochol, Seduchol of het nieuwe Setrachol van Travipharma.

Wanneer jonge weduwnaars of jonge kweekdoffers dun op de mest komen door spanning en stress(watermannen) krijgen ze 2x per week Beregoed (zuurmiddel) door het water, het dunne poepen is dan over. Deze doffers zijn zeker niet ziek maar gewoon wat zenuwachtig, ze gaan wat meer drinken en daardoor dunner poepen.

Rond 1 november weten we welke doffers op welke bakken zitten en worden alle duiven een keer voor gekoppeld met hun duivin van het volgend jaar, groot voordeel hiervan is dat de duiven bij de koppeling op 5 december hun partners reeds kennen en de koppeling vloeiend verloopt.
Bij deze voor koppeling hebben we de duiven in de handen en kunnen ze dus gelijk een druppel Endo/Ecto op het borstbeen geven en een paramixo enting, enkele liefhebbers zullen zeggen geen druppels tegelijk met de paramixo enting maar wij hebben daarbij nooit problemen gehad op eigen hok.
De enting tegen paramixo kan ook heel goed een weekje eerder tijdens de paratyfus kuur met nummer 2.


Moeder Betty, Klaasje en Gert Jan Beute

Vanaf 20 november gaan de duiven over van Rui voer naar Kweekvoer, ook hiervoor gebruiken we Beyers voer, maar ditmaal de blauwe zakken Premium Kweek (de Beyers-Elite Enzymix zakken zijn rood van kleur 20 kg).
Rond deze datum beginnen we ook met het verlichten van de te koppelen duiven, het lichten bouwen we in een week op van 08.00/18.00 uur tot 05.00/22.00 uur, wel steeds originele thrue light lampen gebruiken.

Rond 5 december worden alle duiven gekoppeld indien ze er perfect uitzien en de dokter ze gezond verklaard heeft, indien niet wachten we gerust langer. Bij ons is het nooit voorgekomen, maar wanneer duiven niet 100% zijn de duiven niet samen zetten, het kweken zal slecht verlopen en de kwaliteit van de jongen zal beduidend minder zijn.

Bij ons op de hokken in Wilhelminaoord word alleen gekweekt uit duiven waar we het volste vertouwen in hebben en dat is dus uit alle duiven..., diegene waar we geen vertouwen in hadden zijn geruimd!

Op het kweekhok alsook op de vlieghokken worden koppels samengesteld die bij elkaar passen qua lijn, uiterlijke kenmerken en ogen. Duiven met gele bleke ogen worden niet gebruikt... omdat we ze niet hebben.
Duiven met weinig rood in de iris (vaak goede vliegduiven) worden gekoppeld met dikke kweekogen (dikke ogen zijn kersenrode irissen met veel kweekrillen).

Tot het jaar 2008 hebben we nooit echt gekruist, we hielden de Janssens altijd 100% zuiver, maar vanaf 2009 zal er ook gekweekt gaan worden met excellente duiven van andere origine. Enkele superdieren hebben we reeds aangeschaft of gekregen van Eijerkamp en zonen (Heremans-Ceusters, Claes en van Loon), van Gerard en Bas Verkerk en enkele zullen nog volgen, het moeten van origine snelheidsrassen zijn maar met de uiterlijke zichtbare en voelbare kenmerken van dagfond duiven.


Moeder Betty bij de duiven

Vliegseizoen

Het spel is dus weduwschap met doffers en duivinnen, maar geen dubbelweduwschap. Er is altijd een partner thuis. Tijdens alle vluchten wordt er 1 of 2 keer gelapt naar Zwolle (25 km), ook na een zware eendaagse fondvlucht. Volgens Beute hebben de duiven dan het “moeilijk thuiskomen gevoel” in hun hoofd,d at moet er uit, dus worden ze maandag of dinsdag gelapt, de duiven krijgen dan het “makkelijk thuiskomen gevoel” weer. Deze theorie over lappen en drie keer per dag voeren heeft Beute van Gunter Prange uit het Duitse Meppen, die bij Beute kind aan huis is. Ons voersysteem voor het vliegseizoen:

De jonge duiven zitten in twee afdelingen met een schuifdeur, die gesloten kan worden voor eventueel het spelletje met de deur. In principe zit er één ronde winterjongen in en meestal de helft jongen van de vliegduiven en de helft van de kwekers. Ook de vliegduiven worden in lijn gekoppeld. Uit vliegduiven zonder oriëntatiecirkel word niet gekweekt (al kunnen duiven zonder deze cirkel uitzonderlijke vliegers zijn).

De jongen kunnen vanaf het spenen in een grote voliere en worden niet verduisterd, maar juist het tegenovergestelde: Bij het spenen gaat het licht voor 10 a 14 dagen 24 uur per dag aan (True Light d.w.z echt licht), daarna maken ze er een zomerdag van dus licht van 05.00 t/m 22.00 uur. De duiven hebben begin februari reeds slagpennen gegooid. Wetenschappelijk is het systeem Beute niet bewezen maar het bevalt hun goed. Wanneer ze beginnen met de vluchten zijn veel jongen (altijd uitzonderingen) bijna klaar met de rui en blijven dan staan op 2 a 3 pennen die ze na de pulgeerkuur (karnemelk en 36 uur geen eten) alsnog stoten. Voor half oktober hebben alle duiven alle veren vernieuwd inclusief de staartpennen.
Bij de jonge duiven wordt elk jaar veel duiven verspeeld door het schrikken van de havik, hij pakt er één als ze net buiten komen, maar je bent er tien  kwijt. Meestal zitten ze dan overal in Nederland. Maar als we eenmaal op tal zijn (zo’n 35 stuks) verspelen we er bijna nooit meer eentje tijdens de vluchten, het Beute soort komt goed na, zelfs nog na enkele dagen. Na zo’n 3 weken weten we wel welke jongen het absoluut niet kunnen, deze worden niet meer gespeeld, dan speelt Beute meestal met even aantallen 10, 20 of 30 omdat dat het Nationale puntensysteem zo werkt. In de afdeling Friesland is daar nu gelukkig van afgestapt, we hebben dit systeem nog wel, maar dan verfijnd, als je dus 14 duiven speeld hoef je geen 2 te klokken maar 1,4. Een beter systeem.


Gert Jan in de ren

Dierenartsbezoek

Beute bezoekt diverse dierenartsen w.o Dr.de Weerd, Dr. Vd Sluis, Dr.Jellema en de Belgische duivenarts Marieen.Waarom zoveel? We laten onze duiven drie a vier keer per jaar onderzoeken op alles. En de ene keer bij die en de andere keer bij die. Beute leert graag en als je naar diverse duivendierenartsen gaat hoor je steeds nieuw ideeen. Gelukkig hebben ze de laatste jaren niets meer ondekt, nog geen wormpje.

Taakverdeling

De naam Beute & Zn was tot 2000 A.Beute & zn, vader Arnold is gestorven op 8 mei 1999. Dat jaar hebben we nog uitgespeeld op die naam. Vanaf 2000 is de naam Beute verbonden aan Mevr. Betty Beute en de zoon is nog steeds Gert-Jan. Verder is het een echte familiesport. De vrouw van Gert Jan, Klaasje, doet veel in het clubgebouw en is ringenadministrateur. Onze hokverzorger Richard "Pim" Hoogewoonink neemt heel veel van werk van ons over betreffende schoonmaak, verbouwingen en trainen der duiven. Hij is een onmisbare schakel in het geheel.
Gert-Jan werkt in ploegendienst, daarom komt veel neer op moeder Betty Beute (71 jaar), zij is de gehele dag bij de duiven, ze is ook een echte kenner. In de jaren 60 en 70 was zij ook al diegene die het deed als Arnold op de zaak was.

Gezelligheid

Vrijdags, zaterdags en op maandagmorgen is het in huize Beute altijd een drukte van jewelste. Vele duivenmelkers komen dan samen aan de keukentafel voor gezellige duivenpraat en advies. Meestal zo’n 5 potten koffie per ochtend gaan er wel door verteld moeder Beute altijd. Veel duivenmelkers maken gebruik van de expertise van de familie Beute, het is dan jammer dat ze het meestal niet vermelden in hun reportage.